IOAW

Gemeentelijke taken

De Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) voorziet in een inkomen voor oudere werkloze werknemers. De IOAW-uitkering vult het inkomen van de werkloze werknemer en diens partner aan tot bijstandsniveau en voorkomt dat mensen na de WW een beroep moeten doen op de bijstand.

Re-integratie

Gemeenten krijgen de volledige verantwoordelijkheid, ruimte en middelen voor het voeren van een actief re-integratiebeleid van IOAW-gerechtigden. De gemeente kan de re-integratie uitbesteden. Zie voor meer informatie het dossier Re-integratie.

Inkomensvoorziening

De gemeente is verantwoordelijk voor het verlenen van een uitkering aan de werkloze werknemer en beslist of de aanvrager in aanmerking komt voor een IOAW-uitkering.

Voorwaarden
Voor een IOAW-uitkering komen in aanmerking:

  • Mensen die op of na hun 50e werkloos zijn geworden. Zij kunnen een IOAW-uitkering aanvragen als zij meer dan drie maanden een loongerelateerde WW-uitkering (en eventuele vervolguitkering) hebben genoten.
  • Mensen die op of na hun 50e recht kregen op een uitkering op grond van de Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) en dit recht weer verloren omdat zij bij herkeuring voor minder dan 35 procent arbeidsongeschikt zijn bevonden.
  • Mensen die gedeeltelijk arbeidsongeschikt (minder dan 80%) zijn en op 28 december 2005 een IOAW-uitkering ontvingen. Deze groep heeft geen recht op een toeslag via de Toeslagenwet (een partner die na 31 december 1971 is geboren én geen kind dat jonger is dan 12 jaar).

 

IOAW en WIA

De IOAW geldt, door de komst van de WIA, niet meer voor gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers. Gedeeltelijke arbeidsongeschikte werknemers ontvangen een toeslag op grond van de Toeslagenwet.
Gedeeltelijk arbeidsongeschikte WAO’ers met een partner die geboren is na 31 december 1971 én die geen kind hebben dat jonger is dan 12 jaar (de zogenoemde 1990-maatregel) hebben geen recht op toeslag. Zij kunnen een beroep doen op een WWB-uitkering. Als zij al op 28 december 2005 een IOAW-uitkering ontvingen, dan blijft het recht op een IOAW-uitkering. Voor oudere werkloze werknemers (50 jaar en ouder), ongeacht of zij arbeidsongeschikt zijn of niet, heeft de WIA geen gevolgen.

Hoogte van de uitkering: vermogens- en inkomenstoets

De IOAW vult het inkomen van de werkloze werknemer en zijn partner aan tot het bijstandsniveau. Bij het vaststellen van de hoogte van de IOAW-uitkering gelt een minder strenge inkomenstoets dan bij de WWB. U houdt alleen rekening met de inkomsten uit werk of een andere uitkering van de aanvrager en zijn of haar partner. Alimentatie, huurtoeslag, zorgtoeslag en kinderbijslag tellen niet mee. Er is geen vermogenstoets. Vermogen zoals spaargeld of een eigen huis, blijft dus volledig vrij.

De IOAW-grondslagen worden in juli en januari gepubliceerd in de normenbrief.

IOW

Let op: Werklozen en gedeeltelijk arbeidsgeschikten van 60 jaar of ouder die tussen 30 september 2006 en 1 juli 2011 werkloos of gedeeltelijk arbeidsongeschikt (zijn ge-)worden, vallen mogelijk onder de tijdelijke regeling Inkomensvoorziening voor oudere werklozen (IOW).

De IOW-uitkering wordt verstrekt na afloop van de WW- of WGA-periode. Het recht op IOW houden zij tot zij 65 worden. De IOW vervalt per 1 juli 2016.

Het recht op IOW prevaleert, hierdoor is samenloop met een IOAW-uitkering mogelijk. Er ontstaat enkel recht op een IOAW-uitkering indien en voor zover die uitkering hoger is dan de IOW-uitkering. Dit zal slechts in een enkel geval voorkomen.

Voor een IOW-uitkering komen in aanmerking:

  • Werknemers van 60 jaar en ouder die tussen 30 september 2006 en 1 juli 2011 werkloos (zijn ge-)worden en voldaan hebben aan de arbeidsverledeneis en om die reden meer dan drie maanden recht hebben op een loongerelateerde WW-uitkering.
  • Werknemers van 60 jaar en ouder die tussen 31 december 2007 en 1 juli 2011 recht hebben (gekregen) op een loongerelateerde WGA-uitkering

Kenmerken van de IOW:
Het vermogen van de oudere werkloze of gedeeltelijk arbeidsgeschikte en dat van zijn partner worden niet meegerekend bij de toekenning van de IOW.
Het inkomen van de partner wordt buiten beschouwing gelaten.
De oudere werkloze moet solliciteren en algemeen geaccepteerd werk dat wordt aangeboden, aannemen. 
Het UWV voert de IOW uit en mag in individuele gevallen ontheffing geven van de sollicitatieplicht.
De IOW wordt in 2010 geëvalueerd.

Naar boven

Stuur door