Ketensamenwerking

Gemeentelijke taken

Mensen die werkloos worden moeten zo snel mogelijk weer aan het werk, mensen die (tijdelijk) geen werk hebben, kunnen  in aanmerking komen voor inkomensondersteuning. Daarbij werken drie organisaties nauw samen: CWI, UWV en gemeenten. Zij vormen de ’keten van werk en inkomen’. Voor de klant moet het niet uitmaken waar hij of zij zich in de keten bevindt, wat telt is dat de juiste dienstverlening wordt geleverd. Het uitgangspunt van de keten is één loket naar buiten toe.

De taken van de ketenpartners worden in de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Wet SUWI) slechts op hoofddoelen en hoofdlijnen benoemd. Binnen de wettelijke kaders blijft genoeg ruimte om beslissingen te nemen en werkwijzen te kiezen om een arbeidsmarktbeleid te voeren dat aansluit op de regionale en lokale behoefte.

Geïntegreerde dienstverlening

Geïntegreerde dienstverlening betekent dat de ketenpartners gemeenten en UWV een samenhangende, op de klant (werkzoekende en werkgevers) gerichte dienstverlening realiseren. De ketenpartners werken vanuit de vraag en het perspectief van de klant, stemmen de werkzaamheden en werkprocessen continue op elkaar af en verbeteren de kwaliteit en effectiviteit van de dienstverlening en re-integratie.

Werkpleinen

Het werkplein is het loket (aanspreekpunt) waar gemeenten en UWV gezamenlijk de arbeidsbemiddeling, re-integratie en uitkeringsverstrekking van werkzoekenden uitvoeren. Voor de werkzoekenden is het niet relevant door welke partner in de keten hij wordt geholpen. In totaal zijn er 97 werkpleinen.

Regionale werkpleinen

Van de 97 werkpleinen zijn er 30 ingericht als zogenaamd regionaal werkplein. Regionale werkpleinen vervullen naast de reguliere werkpleintaken enkele specialistische taken voor de andere werkpleinen in de regio, zoals het verzamelen van arbeidsmarktinformatie, bedrijfsadvies, inkoop van re-integratie, verzorging van WSW indicatie en leerwerkloket.

Regionaal arbeidsbeleid

Knelpunten op de arbeidsmarkt kunnen alleen opgelost worden door samenwerking tussen alle partijen op het gebied van werk, inkomen en scholing. De gemeenten hebben een voortrekkersrol bij de totstandkoming van een regionaal participatie- en arbeidsmarktbeleid.

Goede samenwerking en verbinding met andere partijen, vooral met (lokale) werkgevers, maar ook met uitzendorganisaties, mobiliteitscentra, poortwachterscentra, regionale opleidingscentra (ROC’s), branceorganisaties, leerwerkloketten en kenniscentra is daarbij onontbeerlijk. Die samenwerking wordt gestimuleerd via het plan van aanpak Jeugdwerkloosheid en door netwerken te vormen rondom de mobiliteitscentra. In totaal zijn er 30 arbeidsmarktregio’s. In iedere regio is er 1 regionaal werkplein.   

Ketenbrede cliëntenparticipatie

De gemeenten en het UWV zorgen gezamenlijk voor cliëntenparticipatie op het niveau van de werkpleinen. Ze houden daarbij rekening met de bestaande vormen van cliëntenparticipatie. Bij gemeenten zijn dit de cliëntenraden die op grond van de WWB verplicht zijn; bij het UWV gaat het om cliëntenraden volgens de Regeling cliëntenparticipatie.

Meer informatie

Naar boven

Stuur door