WWIK
Verantwoording
Gemeenten verantwoorden zich aan het Rijk over de rechtmatige besteding van alle door het Rijk verstrekte specifieke uitkeringen. De definitieve cijfers over de uitvoering van de WWIK leveren de centrumgemeenten, die belast zijn met de uitvoering van de WWIK, jaarlijks elektronisch aan het CBS, uiterlijk 15 juli na afloop van het uitvoeringsjaar.
SiSa
De verantwoordingsinformatie levert de centrumgemeente aan via de bijlage bij de
gemeentelijke jaarrekening via Single information en Single audit (SiSa).
Beeld van de uitvoering
Naast de informatie die nodig is voor het financieel beheer van de specifieke
uitkeringen heeft het ministerie aanvullende informatie nodig over de WWIK. De
centrumgemeenten leveren jaarlijks het Beeld van de uitvoering WWIK in bij het
ministerie, uiterlijk 28 februari na afloop van het uitvoeringsjaar.
De gevraagde financiële informatie betreft de voorlopige stand van zaken, zoals deze op het moment van opstellen van het Beeld van de uitvoering bekend is. Gezien het voorlopige karakter van de informatie, is geen accountantsverklaring vereist.
Indienen van het Beeld van de uitvoering 2009
Omdat de WWIK wordt uitgevoerd door 20 centrumgemeenten geldt voor het Beeld van
de uitvoering WWIK een apart formulier, los van het formulier voor het Beeld van
de uitvoering voor de WWB, de WIJ, de IOAW, de IOAZ, het Bbz 2004 en de Wet
participatiebudget.
DVS
Het indienen van het Beeld van de uitvoering kan uitsluitend via het
Digitaal Verantwoordingssysteem
(DVS).
SZW-stopbeleid
Om een goede aanlevering door gemeenten te bevorderen hanteert SZW het
zogenaamde ‘stopbeleid’. Dit betekent dat het ministerie bij niet tijdige en bij
niet juiste indiening van het Beeld van de uitvoering de betaling van de
maandelijkse voorschotten opschort. Zodra de gemeente haar verplichtingen alsnog
nakomt, worden de aangehouden bedragen nabetaald en de normale betalingen
hervat.
Wanneer gemeenten niet tijdig voldoen aan hun SiSa verantwoordingsverplichting, geldt het maatregelenbeleid van het ministerie van BZK. Dit betekent dat 60 % van de bevoorschotting van de uitkering van het gemeentefonds wordt opgeschort voor maximaal 26 weken. Daarna gaat het SZW-stopbeleid gelden.
